Vitolini-Genovese
Vito Genovese (Risigliano (provincie Napels, Italië), 27 november 1897 - Springfield (Missouri), 14 februari 1969) was een Amerikaanse maffiabaas die tijdens de Castellammare oorlog veel macht vergaarde. Later was hij de leider en naamgever van de Genovese familie.
Luciano op zijn beurt liet in april 1931 Masseria vermoorden, waarbij Genovese een van de vier schutters was. Later dat jaar werd in opdracht van Luciano ook een aanslag gepleegd op Maranzano, waarna Luciano de absolute macht in handen had.
Na de Tweede Wereldoorlog werd Luciano verbannen naar Italië, en Genovese zag zijn kans schoon om, door een flink aantal tegenstanders uit de weg te ruimen, zijn status flink op te schroeven. Hij werd echter in 1937 aangeklaagd voor de moord op Boccia.
Na de Tweede Wereldoorlog werd Luciano verbannen naar Italië, en Genovese zag zijn kans schoon om, door een flink aantal tegenstanders uit de weg te ruimen, zijn status flink op te schroeven. Hij werd echter in 1937 aangeklaagd voor de moord op Boccia.
Genovese werkte samen met mannen als Lucky Luciano, Meyer Lansky, Bugsy Siegel en Frank Costello in dienst van Joe Masseria. Na de Eerste Wereldoorlog werd Genovese door Salvatore Maranzano overgehaald om zich aan te sluiten bij Luciano, die een eigen 'familie' had gevormd. Maranzano realiseerde zich later dat deze jongere generatie mafioso een bedreiging kon worden voor zijn machtspositie, en hij verordonneerde de dood van een aantal, waaronder Genovese.
Luciano op zijn beurt liet in april
Luciano op zijn beurt liet in april







